Een vernieuwend Groot Dictee?

Met veel tamtam werd aangekondigd dat het Groot Dictee der Nederlandse taal helemaal anders zou worden: de doorgaans weergaloze Kees van Kooten heeft deze keer de tekst geschreven. De verwachtingen waren hooggespannen.

En... beviel het u? Het merendeel van de 464 stemmers op de website van Onze Taal was wel gecharmeerd van de keuze om niet alleen spelfouten aan de orde te laten komen. Andere critici, waaronder die van De Volkskrant, zagen in de nieuwe aanpak een sadistisch experiment.

Natuurlijk is het zinnig om niet alleen spelfouten aandacht te geven, maar ook andere taalfouten: enkelvoud en meervoud die door elkaar gehaald worden, vage verwijzingen en grammaticaal gezien domweg foute verwijswoorden, verkeerd voegwoordgebruik... het dient allemaal zeker aan de orde te komen.

Maar een dictee lijkt bepaald niet niet de handigste vorm om dit soort fouten bij het brede publiek onder de aandacht te brengen, al was het maar omdat dit soort fouten nooit voorgelezen wordt met het doel om ze door een ander te laten verbeteren. Liever zien we oefeningen die ertoe kunnen bijdragen dat schrijvers zelf dit soort fouten opmerken in hun eigen teksten. Het Groot Dictee biedt daaraan geen enkele bijdrage.

Daarmee is en blijft het Groot Dictee der Nederlandse Taal een gekunsteld en bij elkaar gezocht rariteitenkabinet van woorden die maar zelden spontaan gebruikt worden. Een gemiste kans...